Voorschot en afrekening
Een toeslag wordt maandelijks uitbetaald op basis van een geschat jaarinkomen. Na afloop van het jaar vergelijkt de Belastingdienst die schatting met het werkelijke inkomen. Een verschil leidt tot nabetaling of terugvordering.
Wat het bedrag bepaalt
- Het toetsingsinkomen van de aanvrager en een eventuele toeslagpartner.
- Het vermogen op 1 januari.
- De woonsituatie en het aantal medebewoners.
- Bij huurtoeslag: de kale huur en de servicekosten die meetellen.
Wijzigingen doorgeven
Een verandering in inkomen, samenstelling van het huishouden of huur hoort direct te worden doorgegeven. Dat voorkomt dat een heel jaar op een verkeerd voorschot wordt uitbetaald, met een terugvordering ineens.
Toeslagpartner
Wie als toeslagpartner geldt, staat wettelijk vast en is geen keuze. Een inwonende volwassene kan onder voorwaarden partner worden, met gevolgen voor het toetsingsinkomen.
Bij een terugvordering
Een terugvordering kan in termijnen worden betaald via een persoonlijke betalingsregeling. Bij een terugvordering die onterecht lijkt, staat bezwaar open binnen zes weken na de beschikking.